bijwerkingen algemeen banner

Bijwerkingen algemeen

Misselijkheid tegengaan

Uw lichaam beschikt over een krachtige afweer tegen vergiftiging. Als u 'iets verkeerds' eet of drinkt, komen er gifstoffen via uw maag in uw bloedbaan terecht. Een gebied in uw hersenen - het zogenoemde braakcentrum - wordt geprikkeld en daardoor wordt u acuut misselijk en krijgt u de neiging om te braken. Misselijkheid, braken en tegenzin tegen voedsel zijn in dat geval natuurlijke, beschermende reacties. Het zijn bovendien reflexen die u zelf niet of nauwelijks kunt sturen.

Uw lichaam herkent de cytostaticaVerzamelnaam voor stoffen die tijdens chemotherapie worden gebruikt om celgroei te remmen of kankercellen te vernietigen. die bij chemotherapieMedicijnen met een celdodende of celgroeiremmende werking. De term wordt ook gebruikt als verzamelnaam voor de behandeling van kanker met cytostatica. gebruikt worden als gifstoffen. Daardoor leidt chemotherapie vaak tot misselijkheid en braken. U kunt te maken krijgen met drie vormen van misselijkheid.

1. Acute misselijkheid
Deze misselijkheid treedt op tijdens de toediening van de cytostatica. Zolang de medicijnen in uw bloed aanwezig zijn, kunt u daar misselijk van worden. Meestal is dat tot een dag na de toediening.

  • Acute misselijkheid is goed te bestrijden met medicijnen. Deze zogenoemde anti-emeticaGeneesmiddelen om misselijkheid en braken te verminderen of te voorkomen. zorgen ervoor dat de reflexen die de misselijkheid veroorzaken, tijdelijk worden uitgeschakeld. Medicijnen tegen misselijkheid en braken kunnen met het infuusToediening van vocht (met daarin eventueel geneesmiddelen of voedingsmiddelen) rechtstreeks in de bloedbaan. meelopen, maar u kunt ze ook krijgen in de vorm van tabletten of zetpillen. Sinds de ontdekking van deze medicijnen kunnen de meeste mensen de chemotherapie goed verdragen. Daardoor kan de dosis van de chemotherapie vaak zelfs verhoogd worden, zodat de behandeling meer effect heeft.
  • Krijgt u aandrang om te braken, dan kan het helpen om even goed rechtop te gaan zitten en rustig door te ademen. Ook kan het helpen om op een ijsblokje te zuigen.
  • Moet u toch braken, let dan op dat u niet teveel vocht verliest. Drink tussendoor bijvoorbeeld water.

2. Vertraagde misselijkheid
Sommige cytostatica veroorzaken niet alleen acute misselijkheid, maar ook vertraagde misselijkheid, twee dagen tot een week na de toediening. De oorzaak hiervan is nog niet opgehelderd. Anti-emetica werken ook tegen vertraagde misselijkheid, maar minder goed dan tegen acute misselijkheid.

3. Anticipatoire misselijkheidMisselijkheid die ontstaat als men verwacht misselijk te worden. Meestal gaat dit onbewust. Deze misselijkheid kan al ontstaan doordat u een ziekenhuisgeur opsnuift, het ziekenhuis in de verte ziet opdoemen of zelfs alleen maar aan het ziekenhuis denkt.
Uw lichaam leert snel. Hebt u eenmaal ergens uw hoofd gestoten of uw vingers gebrand, dan vermijdt u die plekken meestal onbewust. Ongeveer hetzelfde gebeurt met misselijkheid en braken als gevolg van een vergiftiging. De volgende keer dat u in dezelfde situatie terecht komt, vertoont uw lichaam al bij voorbaat een afweerreactie. Onder normale omstandigheden is dit een erg nuttige reactie. Maar bij chemotherapie kan het een lastig effect zijn. Sommige mensen worden al misselijk als ze een vleugje ziekenhuislucht ruiken of zelfs alleen maar aan het ziekenhuis denken. Dit verschijnsel heet anticipatoire misselijkheid. Gebeurt dit al tijdens de chemotherapie, dan kan de gang naar het ziekenhuis erg moeizaam worden.

  • Medicijnen helpen niet tegen anticipatoire misselijkheid en braken. Ontspanningsoefeningen en psychotherapie helpen vaak wel.
  • Het is vooral zaak om anticipatoire misselijkheid voor te zijn, te zorgen dat het niet ontstaat. De beste methode daarvoor is acute misselijkheid tijdens de toedieningen zelf zoveel mogelijk te vermijden. Daarom is het meestal verstandig om anti-emetica te gebruiken tijdens de chemotherapie.